Het leven aan boord van de platbodem

In Gallië voeren platbodems op rivieren en waterwegen. Zij zorgden voor het vervoer van goederen en vormden een belangrijke schakel in de handelsuitwisselingen van het Romeinse Rijk.

Als voorlopers van de aken beschikten zij over weinig comfort en boden zij onderdak aan een kleine bemanning die ladingen en materialen over het water vervoerde. Het leven aan boord, waarover de teksten weinig vertellen, kan vandaag gedeeltelijk worden gereconstrueerd dankzij de archeologie, de experimentele archeologie en de studie van de vaaromstandigheden.

Aan boord van een platbodem wordt het grootste deel van de ruimte ingenomen door goederen: voedingswaren, bouwmaterialen, keramiek, … Op de platbodem van Pommerœul beschikt de bemanning over een vrij zeldzaam comfort: een kajuit! Die bestaat uit een vaste constructie met een dak, waardoor men zich tegen het weer kan beschermen, kan koken en slapen.

Vissen om de dagelijkse kost aan te vullen

Voordat de rivier mensen en boten vervoert, is zij ook een bron van voedsel. De vis die er leeft, vult de voorraden aan die aan boord zijn meegenomen.

De schippers kunnen vissen met een harpoen, met eenvoudige lijnen waarvan het uiteinde aan een haak is bevestigd, of met kleine netten die verzwaard zijn met loden gewichtjes.

Legende tekening: 

Vissen met de haak.

@ M. Destrée

Veilig aanmeren

Om de boot stil te leggen, gebruiken de schippers touwen die aan de oever of aan palen worden vastgemaakt. Wanneer dat niet mogelijk is, kunnen zij een ankersteen gebruiken, een massief blok dat aan een touw is bevestigd en in het water wordt gegooid om de platbodem te stabiliseren. Ballast, vaak van steen, helpt ook om het evenwicht van de boot te bewaren.

Terughalen wat in het water valt

Op een varende boot kan het gebeuren dat een voorwerp in het water valt. Om het terug te halen, gebruiken de schippers een bootshaak of een haak aan het uiteinde van een stok. Dit handige werktuig maakt het mogelijk een touw of een ander drijvend voorwerp te grijpen zonder in het water te moeten stappen.

Een dag op het water

De dag begint bij het aanbreken van de dag met de controle van de boot en zijn lading. De vooruitgang is traag en wordt bepaald door manoeuvres en de omstandigheden van de rivier. Rond de middag kan een korte pauze worden genomen, maar die blijft beperkt. Aan het einde van de dag legt de bemanning aan om te rusten, vaak bij een oever of een overslagpunt. De maaltijden zijn eenvoudig en de nachten worden aan boord of vlakbij doorgebracht.

 

Spring naar de inhoud